Een gesprek over magische momenten met peuters onder een gigantisch tentdoek, baby’s die het toneel op kruipen en ‘kindvriendelijke horeca’
Philipp en ik kennen elkaar uit onze studietijd aan de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. Ik studeerde af als dansdocent (2015) en hij als theaterdocent (2019). We brachten samen vele uren door in muffe repetitiestudio’s, Philipp at kilo’s druiven in mijn afstudeervoorstelling, we reden op één dag retour naar het midden van Duitsland om een zes uur durende theatermarathon te zien en stopten chips in een shredder als theatrale vertaling van de vernietigingsdrang van de mens. Kortom: We delen een kunstrijke en avontuurlijke tijd, die mij heel dierbaar is.
De afgelopen jaren heeft Philipp zich volop ontwikkeld als spelende theatermaker. Terwijl ik hem vanuit Amsterdam bel, zit hij in een knus café in Groningen.
Theater voor de allerkleinsten
Franziska Lieve Philipp, wil jij jezelf kort voorstellen en je praktijk omschrijven?
Philipp Ik ben een interdisciplinaire maker en performer. Samen met Hannegijs Jonker heb ik het collectief Club Wauw waarmee wij beeldende voorstellingen maken voor kinderen tot en met 5 jaar en hun ouders of begeleiders. Het is heel zintuigelijk, heel associatief werk. We spelen voorstellingen in theaters, maar gaan ook naar buurthuizen en organiseren daar Speelclubs. Wij brengen dan materiaal mee, onconventioneel materiaal, om nieuwe manieren van spelen samen te ontdekken. Daarnaast maak ik ook muzikale en beeldende voorstellingen voor volwassenen.
Franziska Hoe lang maak je al werk voor kinderen?
Philipp Dat doe ik sinds 2019, sinds vlak na mijn afstuderen. Ik was in contact met Ingrid Wolff van 2turvenhoog [Red: organisatie die podiumkunst voor de allerkleinsten laat zien]. Er waren plekken voor makers om naar peuterspeelzalen te gaan en daar onderzoek te doen.
De peuterspeelzaal als onderzoeksruimte
Franziska En hoe doe je onderzoek in een peuterspeelzaal?
Philipp Ik ga ernaartoe en ik neem een onderzoeksvraag mee en ook materiaal dat ik samen met de kinderen wil onderzoeken. Ik weet nog dat mijn allereerste onderzoeksvraag was hoe ik de kinderen kan sturen in de ruimte zonder taal te gebruiken. Dus alleen met beweging en mijn lichaam. Op een gegeven moment had ik Hannegijs erbij gevraagd. We begonnen met spiegels te werken en gingen elkaar ook fysiek spiegelen. Vanaf daar zijn we verder gaan denken: Spiegel. Spiegelen. Contact maken. Dat werd het concept voor onze eerste voorstelling Spiegel.
De peuterspeelzaal is dus een plek om iets samen met kinderen te ontwikkelen, wat dichtbij hun belevingswereld zit. Je kan van alles meenemen, uitproberen en kijken hoe het werkt, hoe de kinderen erop reageren en hoe het aanslaat.
Franziska Dat kinkt waanzinnig mooi! Kan jij je nog het moment herinneren waarop het klikte en je dacht: Dit wil ik blijven doen! Met kinderen werken en werk voor kinderen maken!
Philipp Ja, in mijn afstudeerjaar heb ik een solo gemaakt voor kinderen vanaf ongeveer vijf jaar. Dat heette Bol van Kak.
Beide giechelen.
Philipp Toen was ik een mestgever met een hele grote bol van kak. Ik merkte bij mezelf dat ik zo blij werd in dat proces, omdat ik zo associatief kon werken. Ik stond mezelf toe om associatief te werken en daarop te vertrouwen dat het concept en de betekenis wel zullen komen, in plaats van dat ik heel erg ‘hoofdelijk’ en ‘volwassen’ ben gaan nadenken.
Toen ik de voorstelling ging spelen, waren de reacties van de kinderen heel fijn. Dat was misschien een klik-moment: Dat je meteen reacties krijgt als je speelt!
Franziska Dat de kinderen zo in het moment reageren, bedoel je?
Philipp Ja, precies. Als je een kinderpubliek hebt, dan weet je meteen of het werkt of niet.
“Ouders genieten ervan naar hun kind te kijken terwijl het kind naar ons kijkt”
Franziska Dat sluit mooi aan bij mijn volgende vraag. Zie jij verschillen tussen maken voor kinderen en maken voor volwassenen?
Philipp (denkt na) Ja, dat is een goede vraag. Het is denk ik heel persoonlijk. Ik heb vaak bij volwassenen het gevoel dat ik wat intellectueler zou moeten werken, veel hoofdelijker. Met Club Wauw beginnen wij ook vanuit een intellectueel of filosofisch startpunt, maar de uitwerking gebeurt veel associatiever.
Bij onze nieuwe voorstelling Stilte vertrokken wij bijvoorbeeld vanuit de vraag: Hoe klinkt stilte? Om dat te kunnen onderzoeken moet je een bepaalde staat van zijn hebben. Een bepaalde openheid, die ik soms moeilijker bij volwassenen dan bij kinderen vind. Kinderen zijn nog veel meer verbonden met hun gevoelswereld en willen niet zo snel alles duiden.

Ik leer wel heel veel van het maken voor kinderen dat ik meeneem in het maken voor volwassenen, zoals opener te zijn en op mijn gevoel te vertrouwen.
Franziska Bedoelde jij net dat kinderen niet meteen de duiding opzoeken als ze iets ervaren terwijl je dat bij volwassenen wél ziet?
Philipp Klopt, de beleveniswereld van jonge kinderen is nog zo veel rijker en fantasievoller, en daarin is alles mogelijk. Op een gegeven moment willen zij natuurlijk ook veel duiden en stellen zij heel veel vragen. Maar dat gebeurt meer vanuit een soort oprecht interesse en willen leren. In plaats van dat ze willen zeggen: ik snap het niet!
Franziska Ja. Dat snap ik (lacht)
Philipp En wat ik dus ook heel tof vind, is dat je via kinderen hele andere volwassenen bij je werk krijgt dan de standaard volwassen theatergangers als je je werk in een wat bredere context toont, zoals een buurthuis. Dan werk je midden in de samenleving.
Franziska Hoe reageren ouders die samen met hun kinderen naar je voorstellingen komen kijken? Wat geven zij jou terug?
Philipp We horen heel vaak dat ze verbaasd zijn dat hun kind zo lang stil heeft kunnen zitten en zoveel aandacht heeft kunnen hebben voor de voorstelling. Dat zijn de ouders vaak niet gewend. En dat het heel fijn was. Ik denk wel dat ouders ervan genieten om naar hun kinderen te kijken, terwijl ze naar ons kijken.
Het is oké als er een baby op toneel kruipt
Franziska En heb je een idee hoe het komt, dat de kinderen zo lang stil kunnen zitten?
Philipp Ik denk dat je als speler voor kinderen een bepaalde rust kan uitstralen en open kan staan om in het moment te zijn. Wij tunen altijd in op wie er voor ons zit. Voor ons als Club Wauw is het heel belangrijk, dat we contact maken met het publiek. We spelen altijd ‘toneel op toneel’, dat betekent dat het publiek echt dichtbij ons zit, zodat we iedereen in de ogen kunnen kijken als we dat willen. Hannegijs en ik zijn ons daar bewust van dat je die ruimte op dat moment samen creëert.
Ik denk dat kinderen het aanvoelen als er iemand staat die open is. Niet dwingend, maar gewoon met het moment mee kan bewegen. Het is dan ook oké als een baby op de vloer kruipt. Wij bieden die ontspanning en dan is het niet moeilijk voor de kinderen om lang te zitten en erbij te blijven.
Franziska Jonge kinderen zijn natuurlijk niet gewend aan theater-regels. Hoe ga jij als speler om met de spontaniteit en ook onvoorspelbaarheid van kinderen?
Philipp Je speelt er omheen of juist op in.
Franziska Heb je een voorbeeld ervan hoe je dit in een concrete situatie hebt gedaan?
Philipp Misschien is het goed om te zeggen dat we altijd in het begin een welkomstpraatje doen. We zeggen dat het kind op schoot mag zitten als het wil. We zeggen: Houd je kind nog even bij je, maar als het echt een struggle wordt, laat het dan gaan. Zodat de ouders ook een beetje kunnen ontspannen.
Bij de voorstelling Tent gebeurde het vaker dat er kinderen op de vloer kwamen. Aan het begin is er helemaal niks op de vloer behalve wat kussens. Pas op een gegeven moment komt er een hele grote tentdoek tevoorschijn. Daar gebeurde het vaker dat er een klein kind van één jaar de vloer op kroop en dan stonden wij daar en moesten dus dat enorme tentdoek nog helemaal uitvouwen. Hoe doe je dat met een kind op de vloer? We gingen even wachten of het doek voorzichtiger uitvouwen. Dan begreep het kind toch meteen dat de ruimte weer werd ingenomen door iets anders en kroop weg. Het was voor ons eigenlijk nog nooit een struggle om onze speelruimte te bewaken.
We hebben ook weleens een kind opgepakt en naar zijn plaats gebracht, maar dat moet je aanvoelen. Dat kan je niet altijd en niet met elk kind doen.
Franziska Waar geniet jij het meest van als jij werk maakt voor kinderen?
Philipp Leuke vraag! Ik geniet echt van het contact met de kinderen. En de interactie. Bijvoorbeeld bij Tent, daar komen op een gegeven moment kinderen en ook ouders onder het doek. En dan is het zo een grote, zachte wereld waar je even in zit. Het wordt heel erg magisch door het samen zijn onder de kleuren en het licht dat veranderd. Het voelt alsof je iedereen bij elkaar hebt gebracht in een rustige, veilige bubbel. Als dat lukt, daar geniet ik van.

In een artistieke omgeving kun je je eigen regels maken
Franziska Wat maakt dat je ervoor hebt gekozen om theater te maken voor kinderen, en niet bijvoorbeeld als meester te werken?
Philipp Les geven is toch echt een andere manier van iemand benaderen. Want als je meester bent, dan moet je volgens mij strengere regels hanteren. Duidelijke kaders stellen. En ik ben daar niet zo van. Ik kan dat niet zo goed. (Lacht)
Nee, binnen zo’n artistieke omgeving, of artistieke context, kan je je eigen regels maken. Dan is het niet “Nee, dat mag niet!” “Ga nu even zitten!”. Je hoeft geen taal te gebruiken, je kunt iemand bij de hand meenemen en weer op de plek geleiden. En ik denk dat dat binnen zo’n voorstellingscontext veel makkelijker gaat, omdat je toch al in dat moment, in dat half uurtje, samen een wereld schept waarin je samen de kaders definieert. Je mag je eigen wereld vormgeven zoals je zou willen dat mensen met elkaar omgaan, luisterend en zorgzaam.
Franziska Ik had je gevraagd waar je het meest van geniet. Is er ook iets aan het werk maken voor kinderen dat je moeilijk vindt?
Philipp (denkt lang na) Als er al iets in mij opkomt, dan heeft dat met de volwassenen te maken. Dat mensen soms op hun telefoon zitten. Dat vind ik moeilijk.
Franziska Wat zou je willen dat de ouders doen?
Philipp Gewoon hun telefoon wegleggen en écht met hun kind daar zijn en het moment delen! Ik stoor me ook wel eens aan ouders die alles uitleggen: “Oh kijk, nou daar zie je een hondje. Dat zijn hondjes.” Terwijl je een abstracte vorm ziet die misschien op een hondje lijkt, maar wie zegt dat het een hondje is? Het kan toch ook iets anders zijn? Dus ouders die van alles invullen voor hun kinderen en hen niet de ruimte geven om zelf te ontdekken.
En ik moet ook zeggen, als het echt een heel onrustig publiek is en kinderen aan het huilen zijn, dan denk ik altijd eerst even “Oh oh, oké, we moeten even kijken hoe we die rust die we zo graag willen creëren hier weer in krijgen.” Want vanuit daar vertrekken we meestal, vanuit rust.
Franziska En heb je een paar tools om deze rust weer te vinden?
Philipp Je hebt eigenlijk meteen als de deuren opengaan en mensen binnenkomen een gevoel over wat voor publiek het is. Of het wat harder werken wordt of niet. Ik ga dan altijd op mijn adem letten, want kinderen voelen álles. Dus als jij dan ook heel onrustig bent, dan gaat het helemaal mis. Het gaat over je bewust ervan zijn dat je een soort kalmerende ruimte samen maakt. Die mag je dan ook weer overhoop gooien, maar beginnen vanuit rust is belangrijk zodat de kinderen zich veilig voelen. Ik heb dan ook veel aan Hannegijs. We kunnen de rust in ons samenspel vinden en dan hopen we dat dat uitstraalt naar de kinderen.
Magische fluistergesprekken en ontroerende gebaren
Franziska Kan jij één specifiek moment met je publiek beschrijven waarop je merkte: Hier gebeurt iets uitzonderlijks!
Philipp In Tent maken wij op een gegeven moment kleine, persoonlijke tenten met doorzichtige doeken die wij over één kind en ouder in het publiek leggen. Wij zitten er dan ook zelf in en fluisteren kleine geheimen in de oren van het publiek. Ik maakte een keer mee dat zowel het kind, als ook de bijhorende vader mee begonnen te fluisteren en er een klein fluistergesprek tussen ons drieën ontstond. Dat wij met ons drieën even helemaal in een abstract fluisterverhaal konden opgaan en ook de vader hier helemaal in mee kon gaan vond ik heel ontroerend.

Franziska Ik kan me ook een magisch moment herinneren. Het was bij een voorstelling, waar jullie met grote knuffelbare objecten werkten, en Konstantin, mijn zoontje die toen twee was, wilde jou zijn eigen aap-knuffel geven. Ik vond het zo ongelofelijk ontroerend dat hij opstond en jou zijn knuffel aanbood.
Philipp Oh ja, daar bestaat ook een foto van! Dat was de voorstelling Spiegel.
Franziska Konstantin ging helemaal mee in de wereld die jullie schepten. Hij zag dat jullie knuffels hadden. En hij had er ook een en wilde die blijkbaar laten zien, weggeven, ruilen Ik weet het natuurlijk niet precies, maar het was zo’n bijzonder oprecht en lief gebaar.
Verbeelding versus ballenbad
Franziska Welke verantwoordelijkheid voel jij als kunstenaar tegenover kinderen?
Philipp Ik voel de verantwoordelijkheid om kinderen vroeg in aanraking te laten komen met kunst en dat ze daardoor nieuwe dingen leren kennen en op nieuwe manieren leren spelen. Ik zeg nu ‘nieuwe manieren’, maar eigenlijk bedoel ik vooral “de verbeelding gebruiken in het spel”.
Tijdens een voorstelling worden kinderen niet gewoon voor een scherm gezet. Ze kunnen in het hier en nu zijn en bijvoorbeeld met objecten als een kartonnen doos of kartonnen koker spelen. Ik wil dat ouders zien hoeveel je met weinig kunt doen. Als dat zou worden doorgepakt thuis! Als ze dat wat ze zagen mee naar huis namen! En misschien thuis ook zo samen zouden spelen!
Franziska Wat kunnen volwassenen leren van hoe kinderen naar kunst kijken? Je had het net al erover dat je merkt dat kinderen vaak helemaal niet zo veel nodig hebben als volwassenen denken.
Philipp Ik las laatst een artikel op NOS erover dat ‘kindvriendelijke horeca’ steeds meer een trend wordt. Dat houdt blijkbaar in dat er bijvoorbeeld een ballenbad aanwezig is of een trampolinehoek. Er wordt ervan uitgegaan dat er steeds méér nodig is om kinderen te ‘entertainen’. Dus een kleurplaatje is in die logica niet meer genoeg.
Franziska Ik heb persoonlijk de stellige overtuiging dat kinderen de capaciteit hebben om zich met weinig zelf te vermaken en dat zij met een lepel en een vork al tot een leuk spel kunnen komen. Maar daarin moet je geloven als ouder. Je moet geloven dat ze dat kunnen. En dan moet je stevig in je schoenen staan en volhouden dat een kleurplaat toch wél voldoet.
Philipp Ja precies! Er was laatst een familie bij ons bij onze Speelclub en toen hadden we allemaal buizen meegenomen, waar we doorheen praatten en waarmee we geluiden maakten. Dat vond dat zoontje zó erg leuk, dat de moeder ons de volgende keer vertelde dat ze hem zo’n buis cadeau hebben gedaan en dat hij daar nu thuis de hele tijd mee speelt.
Franziska Geweldig!

Iedereen heeft recht op een ‘artistiek ontwaken’
Philipp De kinderen inspireren ons en wij inspireren de kinderen. En dat inspireert weerom de ouders. Die wisselwerking vind ik mooi aan mijn werk.
Er is een heel mooi manifest “Arts in Early Childhood” waarin het gaat over het artistieke ontwaken van het kind, maar ook van de ouders en de professionals die met kinderen werken. Iedereen heeft recht om met kunst in aanraking te komen en hierdoor een artistiek ontwaken mee te maken: de eigen creativiteit te ontdekken, zich te verwonderen en de verbeelding te gebruiken.
Franziska Wat heb jij geleerd van het werken met kinderen?
Philipp Ik heb geleerd hoe zeer kleine kinderen al eigen wezentjes zijn. Dat iemand al heel jong zijn waardigheid heeft. Het is niet alleen een klein kind, waarvan ik vind dat die nu maar eens goed naar mij zou moeten luisteren. Nee, er ligt gewoon al een volledig iemand in de kinderwagen! (Lacht van harte)
En door het werken met kinderen voel ik mij veel vrijer in het maken. Ook als ik voor volwassenen maak.
Franziska Heb je nog een tip voor ouders, die samen met hun kinderen theater willen beleven?
Philipp Observeer je kind tijdens de voorstelling en probeer niet in te vullen. Heeft die jou nodig of niet? Wil die even alleen dingen ontdekken of liever op schoot? Luister goed en laat je door je kind door de ervaring leiden. Zie het kind als een volwaardig iemand die helemaal autonom de theatrale wereld mag ontdekken.
Franziska Dank je wel, lieve Philipp.
Stilte (1+), de derde voorstelling van Club Wauw, speelt deze zomer op festivals en volgend seizoen in verschillende theaters door Nederland.
Meer info en tourdata op de website van Club Wauw
Foto credits: Luz Soria en Moon Saris
Het manifest “Arts in Early Childhood” is geschreven tijdens het Europees project Erasmus+ Arts & Early Childhood, een project om de best practice van kunstervaringen voor jonge kinderen te verkennen en te delen tussen lokale Europese gemeenschappen.

Geef een reactie